Gynaecologie en alternatieve trainingsprikkels

Gynaecologie en alternatieve trainingsprikkels

In onze huidige wereld van een overload aan informatie, continue technologische verbeteringen en een wildgroei aan blogs, vind ik het een pittige uitdaging om een boeiend verhaal voor Kersten Wielersport te schrijven. De afgelopen maanden heb ik op sportief gebied wat concessies moeten doen omdat mijn leven zich voornamelijk heeft afgespeeld tussen de muren van de Gynaecologie afdeling in een ziekenhuis in Tilburg. Een dagelijkse wekker op 5:30 uur, wachten op vertraagde treinen en spreekuren gevuld met vrouwelijke menstruatie- en verzakkingsproblemen. Verloskamers vol schreeuwende, barende vrouwen, ‘gesteund’ door hun mannen en uiteindelijk dolblij met hun pasgeboren luiervullende mini-monstertje (stiekem vond ik het fantastisch om te zien).

Een voorrecht, dat vind ik het om zoveel emotionele, spannende, genante en soms bloederige patiëntensituaties te mogen meemaken. Gynaecologie is een mooi vak wat het praktische werk op de operatie- en verloskamers combineert met spreekuren op de polikliniek waar empathie een vereiste is. Als co-assistent ben je voortdurend zoekende naar het antwoord op de vraag die je dagelijks gesteld wordt: ‘En, wat wil je nou eigenlijk voor een arts worden?’ Een antwoord heb ik helaas nog niet, maar gelukkig heb ik daar nog even de tijd voor.

Naast mijn co-schap heb ik de afgelopen maanden de overstap gemaakt naar de triathlonsport, een oude liefde die ik na een aantal jaren van wegwielrennen weer opgepakt heb. In de winter mag er alternatief getraind worden en zo heb ik meegedaan aan de nodige ‘ludieke’ evenementen zoals het NK Tegenwindfietsen, NSK Trappenloop en een Crossduathlon.

In de week van Sinterklaas stond er zo’n harde wind dat niet alleen de (zwarte) pieten van de daken waaiden, ook op de dijk langs de Oosterscheldekering in Zeeland moesten de sturen met 2 handen stevig vastgehouden worden. Ik was daar één van de deelnemers aan het NK Tegenwindfietsen. Op een Gazelle-stadsfiets mét windvangers aan de zijkanten moest er 8,5 kilometer tegen de wind in gefietst worden. Met ons Mercurius-team was het afzien maar we hebben ondanks verzuurde benen (en armen) genoten.

Om de lijn van alternatieve trainingsprikkels door te zetten, deed ik op vrijdag 11 december mee aan het Nederlands Studenten Kampioenschap Trappenloop. Zo snel mogelijk de 20 verdiepingen van de Erasmustoren oprennen; na 2 maanden trappenlopen in het ziekenhuis in Tilburg dacht ik hier wel klaar voor te zijn. Het voelde als een uitdaging en dat werd het zeker. Hijgend, hoestend, misselijk en nog 30 minuten napruttelend kwam ik na 2 minuten en 44 seconden boven. Wat bleek, geen dame was sneller naar boven gestommeld en dus mocht ik mijzelf NSK Trappenloop noemen.

De laatste alternatieve wedstrijd die ik gedaan heb, was de Cerberus Crossduathlon in Groesbeek van afgelopen week. Een loop- en fietsparcours vol modderige slingerpaadjes, (te) steile afdalingen en nog steilere klimmen moesten bedwongen worden. Onzekerheid over de juiste schoenen, bandenspanning en ontbrekende parcourskennis maakten het een spannende wedstrijd. Dat het een uitdaging zou worden, daar was ik van overtuigd. Er moesten afstanden afgelegd worden van 7 km lopen, 20 km mountainbiken en 3,5 kilometer lopen.

Mijn jarenlange ervaring in pelotonfietsen tussen losgeslagen wielrensters in binnen- en buitenland heeft er helaas niet voor gezorgd dat ik me als een varkentje thuis voel in de modder. Dit resulteerde zich in een fietssnelheid die bijna langzamer was dan mijn looptempo, maar toch heb ik genoten en ben ik mijn grenzen over gegaan. Na bijna 2,5 uur modderhappen en glibberen finishte ik en was ik blij met het volbrengen van deze uitdaging. De grootste uitdaging bleek toen echter nog te komen, het schoonmaken van mijn fiets, schoenen, kleding en lijf heeft mij de rest van mijn zondag gekost.