Dieuwertje Poort-Wegwaaien in Egmond

Dieuwertje Poort-Wegwaaien in Egmond

Egmond aan zee: een klein, gerieflijk plaatsje aan de Nederlandse kust, waar een mooi strand ligt maar je verder niet dood gevonden wil worden. Behalve in het weekend van 9 en 10 januari. Op Zaterdag gaan hier duizenden wielrenners, mountainbikers, en andere fietsfanaten van start voor de strandrace (egmond-pier-egmond) waarna er op Zondag de halve marathon van Egmond van start gaat. Als je echt wil afzien, of juist écht wil genieten, kan je het combiklassement doen: beide races. Samen met heel wat triatleten, duatleten, en andere gekken deed ik mee aan dit combiklassement.

Dus ging ik deze week nog even langs Kersten om mijn strandbanden op de mountainbike te laten zetten (met mijn geklungel doe ik daar, zonder te overdrijven, een uur over, terwijl Jos ze er in 2 minuten op legt), ging ik langs de masseur omdat ik wat last had van mijn knie (en uiteraard toch wil starten) en at ik veel pasta.

Zaterdagochtend was het zover: omdat ik deelnam aan het combiklassement (en ook geen knwu-elite licentie meer heb) stond ik in het cyclosportieve &basislicentie- startvak. Zoals verwacht was dit erg druk, werd er bij de strandopgang massaal gevallen, en uiteraard zat ik daar ook weer bij. Gelukkig kon ik me snel herpakken, maar de groep voor me was al weg, en mijn poging om het gat dicht te rijden zorgde ervoor dat mijn benen ontplofte, zonder dat ik dichterbij kwam. Het waaide erg hard, dus liet ik me afzakken naar de waaier achter me, waar ik tot het keerpunt bleef hangen. Pas na het keerpunt (zelfde verhaal, vallen en stilstaan) gingen we los, en knalde we met wind mee over het strand. Geweldig, ik was in mijn element. Door wat technische foutjes bij de strobalen en wat gesukkel bij de strandopgang verloor ik nog een plekje, maar ik werd 3e in mijn categorie, en was hiermee tevreden.

Na een gezellige avond, goed eten en een nachtje slapen stond de halve marathon van Egmond op het programma. Ik voelde mijn benen wel, en ook mijn knie zeurde nog steeds bij het opstaan. Maar goed, ik start altijd toch wel, dus deed ik dat nu ook. Inmiddels was de wind gepromoveerd tot storm, welke de eerste 7-8 kilometer over het strand vol tegen stond.

In Egmond starten de vrouwelijke wedstrijdatleten 9 minuten sneller dan de mannelijke. Op een gegeven moment komen alle snelle mannen je dus voorbij, maar wanneer dit is veranderd ieder jaar. Leuk voor het publiek, en normaal ook leuk als deelnemer. Maar dit jaar had ik slim moeten zijn en net als veel andere vrouwelijke loopsters tussen de mannen moeten staan. Ten slotte is het de netto tijd die telt, niet de bruto, en die mannen kunnen je lekker uit de wind houden.

Maar goed, ik stond dus wel tussen de vrouwelijke loopsters, en de genodigde (de Kenianen en écht snelle loopsters) mochten ook nog een halve minuut eerder weg. Hierdoor kwamen we na de eerste kilometer (strandopgang) eigenlijk meteen bij elkaar, en werd er een vrouwenpeloton gevormd. Er liepen vooral duatleten en triatleten in dit pelotonnetje, maar toch werd het een mislukte waaier waarin slecht doorgedraaid werd en niemand te kop wou nemen. Ik had nog nooit in een waaier gelopen, de rest waarschijnlijk ook niet, maar het was leuk dit eens te doen. Jammer dat het tempo zo laag lag, maar goed: zo is het in het dames wielrennen vaak ook. Dus ik hield me koest in de buik van het loop-peloton, terwijl de wind tegen mijn benen sloeg en ik gezandstraald werd. Wachtend op de standafgang, waar daar ging het tempo vast omhoog.

En dat was zo. In de duinen werden we al snel ingehaald door de mannen, terwijl het vrouwenveld langzaam uiteen viel. Ik kon nog redelijk bijblijven in de glooiende duinen, maar al snel begon ik mijn knie te voelen, en mijn benen leken totaal geen zin te hebben om harder te gaan dan 14 per uur. Dus liet ik het tempo zakken, en liep ik tot kilometer 15 redelijk ontspannen verder. Helaas ging het met de knie niet beter, en mijn benen hadden ook nergens zin in, dus kilometer 15 tot 21 leken eigenlijk nergens op, niet op een wedstrijd ten minste. Een beetje chagrijnig kwam ik over de finish in een beschamende tijd, terwijl ik last had van mijn knie en gruwelijke branderige voeten (iets wat ik ook regelmatig met fietsen heb). Ik was niet helemaal leeg, niet diep gegaan, maar het ging gewoon niet harder.

Na een warme douche, 3 koppen warme chocomel, en de gezelligheid van de trion-huisgenoten bedacht ik me dat het toch wel een heel gave race was. Veel verbeterpunten, en de loopsnelheid moet zeker hoger, maar ik heb die halve tenminste wel uitgelopen. Uiteindelijk werd het een 6e plek in het combiklassement, jammer maar dan had ik maar harder moeten lopen: volgend jaar ga ik voor het podium!

Nu even herstellen, en dan op naar de volgende races. Dit seizoen zal ik uitkomen voor het Franse duatlonteam Evreux, en het Nederlandse du-en triatlonteam Unlimited. Samen met mijn goede vriendin Lotte Jacobs gaan we knallen op onze Isaac’s, gesponsord door Kersten wielersport. Dit weekend was een mooie training voor een nog mooier zomerseizoen!